Administratief reglement November 2011 goedgekeurd BAV 19/11/2011

VLAAMS VERBOND VOOR ORIENTERINGSSPORTEN V.Z.W.
          ADMINISTRATIEF REGLEMENT

 

Hoofdstuk I :

De Algemene Vergadering

     1.1.

Algemeen

     1.2.

De Bijzonder Algemene Vergadering

     1.3.

De Algemene Vergadering

Hoofdstuk II :

De Raad van Bestuur

Hoofdstuk III :

De Commissies

Hoofdstuk IV :

Onderafdelingen

     4.1.

Provinciale afdelingen V.V.O.

Hoofdstuk V :

Toetreding en ontslag van de clubs

Hoofdstuk VI :

De aangeslotenen van de clubs

Hoofdstuk VII :

Tuchtregeling

     7.1.

Algemeen

     7.2.

Samenstelling van de rechtscommissies

     7.3.

Aanhangig maken van de klachten of beroep

     7.4.

Bevoegdheid van de tuchtcommissie

     7.5.

Bevoegdheid van de beroepscommissie

     7.6.

Cassatie

     7.7.

Oproepingen - Vertegenwoordiging

     7.8.

Rechten van de verdediging

     7.9.

Kosten

     7.10.

Zitting en uitspraak

     7.11.

Verzet

     7.12.

Voorziening in cassatie

     7.13.

Gratie

     7.14.

Procedure bij minnelijke schikking

     7.15.

Spoedprocedure

Hoofdstuk VIII :

Deontologische code

     8.1.

Gewettigd verblijf

     8.2.

Mensenhandel

     8.3.

Tewerkstelling: sportbeoefenaars met een arbeidsovereenkomst

     8.4.

Sancties

Hoofdstuk IX :

Diversen

 

 

 

HOOFDSTUK I : DE ALGEMENE VERGADERING

1.1.

Algemeen

 

De Algemene Vergadering (AV) is het hoogste gezagsorgaan van de vereniging en wordt tweemaal per jaar samengeroepen en bespreekt de realisaties van het afgelopen jaar evenals het beleid voor het komende jaar.

·         De Bijzondere Algemene Vergadering wordt samengeroepen in november.

·         De Algemene Vergadering wordt samengeroepen in de eerste helft van de maand februari. Deze moet in elk geval samenkomen voor de AV van het overkoepelend orgaan (A.B.S.O./B.V.O.S.).

1.2.

De Bijzondere Algemene Vergadering

1.2.1.

De Bijzondere Algemene Vergadering (BAV) wordt samengeroepen in november en heeft als voornaamste doelen het opstellen van een voorlopige begroting voor het komende jaar alsook de eventuele bespreking en goedkeuring van wijzigingen aan de V.V.O.-statuten en de V.V.O.-reglementen. Ook voorstellen tot wijziging van de B.V.O.S.-reglementen kunnen hier besproken worden zodat er tijdig een geconsolideerd voorstel kan ingediend worden naar het B.V.O.S.-secretariaat.

1.2.2.

Uiterlijk op 30 september dienen de verschillende clubs of commissies het volgende mee aan de secretaris:

  • voorstellen tot wijzigingen aan de V.V.O.-statuten
  • voorstellen tot wijzigingen aan het V.V.O.-administratief reglement
  • voorstellen tot wijzigingen aan het V.V.O.-wedstrijdreglement
  • voorstellen tot wijziging aan B.V.O.S.-reglementen
  • interpellaties

1.2.3.

Uiterlijk 30 dagen voor de BAV stuurt de secretaris een uitnodiging via E-mail aan de leden van de Raad van Bestuur, de secretarissen van de diverse clubs alsook de leden van de diverse commissies. Deze uitnodiging bevat de juiste datum en plaats van de BAV het aanvangsuur, de agenda, het ontwerp van de voorlopige begroting voor het komende jaar, alle ingediende voorstellen tot wijziging aan de diverse reglementen alsook het onderwerp van eventueel aangekondigde interpellaties.

1.2.4.

Agenda van de BAV November :

  • noteren van de aanwezige vertegenwoordigers voor de verschillende clubs
  • verwelkoming door de voorzitter
  • stemrecht
  • wijzigingen aan de V.V.O.-statuten
  • wijzigingen aan het V.V.O.-administratief reglement
  • wijzigingen aan het V.V.O.-wedstrijdreglement
  • voorstellen tot wijziging aan B.V.O.S.-reglementen
  • budgetbespreking van de Ploegen voor het volgende jaar
  • bespreking en stemming begroting voor BLOSO voor het komende jaar.
  • Bespreking lidgelden clubs en deelnameprijs wedstrijden
  • interpellaties
  • rondvraag

1.2.5.

In gevolge de richtlijnen van BLOSO moet er voor het einde van het kalenderjaar een begroting voor het volgende jaar ingediend worden. Aangezien deze gebaseerd is op voorlopige resultaten van het lopende jaar spreken we hier over een "voorlopige begroting". De reële begroting wordt gepresenteerd, besproken en goedgekeurd op de Algemene Vergadering.

1.2.6.

De voorgestelde teksten voor wijziging aan statuten en reglementen zijn vatbaar voor amendering en moeten niet noodzakelijk in hun oorspronkelijke vorm gestemd worden.

 

1.3.

De Algemene Vergadering

1.3.1.

De Algemene Vergadering wordt samengeroepen in de eerste helft van februari. Deze moet in elk geval samenkomen voor de AV van het overkoepelend orgaan (A.B.S.O./B.V.O.S.).

1.3.2.

Uiterlijk op 15 januari dienen de verschillende clubs of commissies het volgende mee te delen aan de secretaris:

onderwerp van de interpellaties met een korte opgave van de motieven

Uiterlijk 1 week voor de AV dienen de verschillende clubs of commissies het volgende mee te delen aan de secretaris:

de namen van de kandidaat - beheerders

de namen van de vier kandidaten voor de rechtscolleges

de namen van de kandidaten voor de diverse V.V.O. - commissies

de namen van de kandidaten voor de diverse B.V.O.S. – organen

 

1.3.3.

Uiterlijk 15 dagen voor de AV stuurt de secretaris een uitnodiging per brief, elektronisch of klassiek, aan de leden van de Raad van Bestuur, de secretarissen van de diverse clubs alsook de leden van de diverse commissies. Deze uitnodiging bevat de juiste datum en plaats van de AV, het aanvangsuur, de agenda, het ontwerp van de begroting voor het komende jaar alsook het onderwerp van eventueel aangekondigde interpellaties.

De balans van het afgelopen jaar zal rondgestuurd worden nadat de externe controle heeft plaats gevonden.

1.3.4.

Op de agenda van de AV staan volgende punten die ook in de hierna volgende volgorde moeten besproken worden:

 

·        noteren van de aanwezige vertegenwoordigers voor de verschillende clubs

·        verwelkoming door de voorzitter

·        stemrecht en zetelverdeling

·        verslag van de voorzitter

·        verslag van de secretaris

·        verslag van de Ploegencommissie

·        verslag van de S&K-commissie

·        verslag van de commissie Milieu

·        verslag van de penningmeester

·        verslag nazicht van de rekeningen

·        bespreking en stemming van de rekeningen van het afgelopen jaar

·        ontlasting van de RVB

·        bespreking met eventuele herberekening van de  begroting voor het lopende    jaar

·        stemming van de begroting voor het lopende jaar

·        aanwijzing van twee personen om de rekeningen na te zien

·        kenbaar maken kandidaten RVB en commissies V.V.O.

  • samenstelling  van de Raad van Bestuur
  • samenstelling van de rechtscolleges
  • samenstelling van de Ploegencommissie
  • samenstelling van de S&K-commissie
  • samenstelling van de commissie Milieu
  • samenstelling van de onderafdelingen
  • aanduiding van de kandidaten voor de diverse B.V.O.S.-organen
  • verplaatsingsvergoeding commissieleden (per km of omnium)
  • interpellaties
  • rondvraag

Aansluitend op deze Algemene Vergadering is er een eerste Raad van Bestuur met verdeling van de functies

1.3.5.

In zijn verwelkoming geeft de voorzitter een algemeen overzicht van het voorbije jaar.

1.3.6.

De secretaris brengt een verslag uit over de administratieve werking van de vereniging in het afgelopen jaar.

1.3.7.

Het verslag van de penningmeester omvat een overzicht van de ontvangsten en uitgaven van het afgelopen jaar.

 

 

HOOFDSTUK II : DE RAAD VAN BESTUUR

2.1.

Overeenkomstig de statuten wordt de vereniging bestuurd door een Raad van Bestuur, samengesteld uit 8 personen. Om geldige beslissingen te kunnen nemen moeten minstens 5 leden aanwezig zijn en moet de beslissing genomen worden met een gewone meerderheid van de aanwezige leden.

Gewone meerderheid betekent dat er geen rekening gehouden wordt met de onthoudingen en dat elk voorstel goedgekeurd wordt waarbij de stemming het aantal stemmen vóór groter is dan het aantal stemmen tegen. In geval van staking van stemmen is de stem van de voorzitter beslissend. Een afwezig bestuurslid kan zich laten vertegenwoordigen door een gevolmachtigde.

 

2.2.

Zolang het aantal volwaardige clubs kleiner is dan het aantal mandaten krijgt elke volwaardige club 1 vertegenwoordiger in de Raad van Bestuur. De resterende mandaten worden verdeeld in evenredigheid met het aantal aangesloten leden van de volwaardige clubs op 31 december van het voorbije jaar. De afronding gebeurt naar boven als het gedeelte na de komma groter is of gelijk aan 5, naar de kleinere eenheid in het tegenovergestelde geval.

Indien er na afronding meer mandaten zijn dan 8, dan verdwijnt dat mandaat waarvan het niet afgeronde getal het verst van het afgeronde getal verwijderd is.

Zijn er na de afronding minder mandaten dan 8, dan krijgt die club, waarvan het niet afgeronde getal het verst verwijderd is van het afgeronde getal het bijkomende mandaat.

 

2.3.

De Raad van Bestuur richt de commissies op die ze nodig acht om de goede werking van de vereniging te verzekeren. In elke commissie kan de Raad van Bestuur iemand afvaardigen om verslag uit te brengen over de werking.

 

2.4.

De Raad van Bestuur kiest onder zijn leden een dagelijks bestuur. Dit dagelijks bestuur kan in dringende omstandigheden beslissingen nemen. Ze zal nadien wel verantwoording afleggen tegenover de voltallige Raad van Bestuur. Maandelijks wordt er een financieel verslag en een activiteitenverslag opgemaakt.

 

2.5.

De secretaris houdt een register bij met de notulen van de bijeenkomsten van de Raad van Bestuur, van de Algemene Vergadering en van de Bijzondere Algemene Vergadering. Een kopie van deze notulen wordt gegeven aan al de leden van de Raad van Bestuur + de secretarissen van de verschillende clubs.

Hij/zij houdt tevens een dossier bij met een copy van alle brieven die hij/zij verstuurt in naam van de vereniging (in chronologische volgorde). Idem voor de inkomende brieven.

Ieder ander lid van de Raad van Bestuur die, na daartoe gemachtigd te zijn door de Raad van Bestuur, correspondeert in naam van de vereniging, stuurt eveneens een dubbel van zijn/haar brieven naar de secretaris.

 

2.6.

De penningmeester brengt elke vergadering verslag uit over de financiële situatie van de vereniging. Op die vergadering ontvangt elk lid van de Raad van Bestuur een overzicht van de financiële situatie.

 

2.7.

In de loop van de maand oktober legt de Raad van Bestuur in samenspraak met de Sport- en kaartcommissie en Ploegencommissie de opties vast voor het sportieve programma voor het volgende jaar.

 

2.8.

De ingestelde commissies geven enkel advies aan de Raad van Bestuur. De Raad van Bestuur is niet verplicht het advies van de commissies te volgen.

Wanneer dit gebeurt zal de betrokken commissie ingelicht worden over de motieven die tot deze beslissing leidden.

 

2.9.

In het geval waarin een plaats van bestuurder van de Raad van Bestuur van B.V.O.S. vacant wordt, voorziet de liga in zijn tijdelijke vervanging.

 

 

HOOFDSTUK III : DE COMMISSIES

3.1.

Iedere commissie bestaat uit minimum drie leden, niet inbegrepen de afgevaardigde van de Raad van Bestuur.

 

3.2.

De beslissingen van de commissies worden genomen bij gewone meerderheid van stemmen van de aanwezige leden. De afgevaardigde van de Raad van Bestuur heeft daarbij geen stemrecht.

 

3.3.

Binnen de commissies wordt er niet gestreefd naar een evenredige verdeling van de leden zoals bij de samenstelling van de Raad van Bestuur.

 

HOOFDSTUK IV : DE ONDERAFDELINGEN

4.1.

Provinciale afdelingen V.V.O.

4.1.1.

Deze afdeling is minimaal samengesteld uit een voorzitter, een secretaris en een penningmeester.

4.1.2.

De Algemene Vergadering duidt deze personen aan.

4.1.3.

De provinciale afdelingen adviseren de Raad van Bestuur in verband met de werking binnen hun provincie.

HOOFDSTUK V : TOETREDING EN ONTSLAG VAN DE CLUBS

5.1.

Een club kan slechts lid worden van de vereniging nadat zij daartoe schriftelijk een aanvraag gericht heeft aan de Raad van Bestuur. Bij deze aanvraag moeten volgende gegevens zeker vermeld worden:

  • de benaming van de club die om toetreding vraagt.
  • of het om een VZW of een feitelijke vereniging gaat.
  • de samenstelling van het clubbestuur. Dit bestuur moet uit minstens drie leden bestaan die allen meerderjarig zijn.
  • de aansluitingskaarten voor minstens vijf leden waaronder de bestuursleden.
  • het bewijs van betaling van het inschrijvingsgeld.
  • een kopie van de statuten, deze statuten mogen niet in tegenspraak zijn met de statuten van V.V.O. of B.V.O.S.

5.2.

De club die het afgelopen jaar geen bijdragen heeft betaald voor zijn effectieve leden wordt als ontslagnemend beschouwd. De leden die aangesloten zijn bij deze club kunnen zonder enige formaliteit aansluiten bij een andere club naar hun keuze.

 

5.3.

De uitsluiting van een club behoort tot de uitsluitende bevoegdheid van de Algemene Vergadering. De secretaris van de club die als ontslagnemend wordt beschouwd dient per aangetekende brief verwittigd te worden van de mogelijke uitsluiting door de Algemene Vergadering. Voor de uitsluiting van een club is een 2/3 meerderheid nodig.

 

 

HOOFDSTUK VI : DE AANGESLOTENEN VAN DE CLUBS

6.1.

Men kan slechts wedstrijden betwisten als aangeslotene van een V.V.O.-club na het ondertekenen van een aansluitingsformulier (AF) in tweevoud.

 

6.2.

De beide exemplaren dienen ingevuld en ondertekend te worden door de aanvrager en de secretaris van de club waarbij hij/zij wil aansluiten. Voor de leden van V.V.O.96 wordt er 1 AF ingevuld en een 5-beurtenkaart. De afgevaardigde van de club die de 5-beurtenkaart uitschrijft is gemachtigd het AF te ondertekenen.

 

6.3.

1 exemplaar van het AF wordt bezorgd aan de administratieve coördinator van V.V.O. vzw, het andere AF wordt bewaard bij de club.

 

6.4.

Iedereen blijft aangesloten bij zijn/haar club en bij V.V.O. zolang zijn/haar aansluiting niet wordt ingetrokken.

Elk lid kan zijn ontslag geven bij zijn/haar club en bij V.V.O. door een gewone brief gericht aan de secretaris van zijn/haar club.

 

6.5.

Overgangen naar andere clubs zijn vrij. Men kan niet overgaan van een andere club naar V.V.O. 96. Een club kan geen aanspraak maken op enige vergoeding voor een overgang. De overgang dient wel te gebeuren in de maand december. De leden van V.V.O. 96 kunnen op gelijk welk ogenblik overgaan naar een andere club. De overgang wordt gemeld aan de secretaris van beide clubs die op zijn beurt per email of per brief de administratief coördinator van V.V.O. informeert. De leden van V.V.O. 96 dienen hun secretaris niet in te lichten.

 

6.6.

De Algemene Vergadering is gemachtigd om individuele leden uit te sluiten. Zij kan dit enkel doen met een 2/3 meerderheid.

 

6.7.

De ledenbijdrage wordt jaarlijks bepaald door de Algemene Vergadering.

6.8.

Voor nieuwe aangeslotenen die lid worden tussen 1 oktober en 31 december van het jaar moeten er voor het lopende boekjaar door de clubs geen bijdragen betaald worden, met uitzondering van de nieuwe leden van V.V.O. 96.

 

HOOFDSTUK VII : TUCHTREGELING

7.1.

Algemeen

7.1.1.

De rechtsprocedure in V.V.O. wordt door twee rechtscolleges gepleegd: een tucht- en een beroepscommissie. Voor alle zaken betreffende dopingpraktijken wordt de rechtspleging overgedragen aan de Disciplinaire kamers voor de medisch verantwoorde sportbeoefening van de Vlaamse gemeenschap. Voor cassatie wordt verwezen naar de Belgische Arbitragecommissie voor de sport (B.O.I.C.) of de burgerlijke rechtbank.

 

7.2.

Samenstelling van de rechtscommissies

7.2.1.

Bij de jaarlijkse Algemene Vergadering draagt elke club vier van haar leden voor om te zetelen in de commissies. Zij kunnen eventueel gewraakt worden met een tweederde meerderheid.

Door de Raad van Bestuur van V.V.O. wordt een deken aangeduid.

Wanneer een zaak wordt voorgelegd stelt de deken een commissie samen uit de voorhanden zijnde rechters voor die bepaalde zaak.

Een commissie, samengesteld uit dezelfde rechters, kan maar meerdere zaken behandelen wanneer de deken oordeelt dat de onafhankelijkheid gegarandeerd is voor al de zaken.

Het mandaat van de rechters loopt tot de volgende jaarlijkse Algemene Vergadering maar wordt eventueel verlengd tot het beëindigen van de lopende rechtszaak waarvan zij als rechter deel uitmaken.

Dezelfde personen mogen elk jaar voorgedragen worden

7.2.2.

De leden van de rechtscommissies:

  • kunnen tezelfdertijd geen lid zijn noch van de Raad van Bestuur V.V.O. noch van de Sport- en Kaartencommissie noch van de ploegencommissie;
  • kunnen tezelfdertijd geen clubvoorzitter zijn;
  • moeten de minimum leeftijd van 23 jaar bereikt hebben;
  • moeten over al hun burgerlijke en politieke rechten kunnen beschikken;
  • moeten een zekere kennis en ondervinding hebben inzake de oriënteringssport;
  • moeten als vertrouwensvol, onafhankelijk en objectief doorgaan.

7.2.3.

Het mandaat van een rechter kan vroegtijdig beëindigd worden:

  • bij vrijwillig uitdrukkelijk ontslag;
  • bij ontzetting uit zijn/haar burgerlijke of politieke rechten;
  • bij afzetting door de Algemene Vergadering die deze beslissing slechts kan nemen met tweederde meerderheid en na de betrokkenen te hebben gehoord.

7.2.4.

Bij de jaarlijkse verkiezing van de Raad van Bestuur V.V.O. wordt bij stemming een deken van de rechtscommissies en een plaatsvervanger verkozen. Hij/zij kan niet zetelen in enige commissie. Zijn/haar taak bestaat erin:

  • voor een bepaalde zaak, hetzij eerste aanleg hetzij beroep, de commissie samen te stellen met drie rechters, gekozen onder het totaal beschikbaren, en waarbij de hoogste graad van onafhankelijkheid na te streven;
  • het inleidend vooronderzoek en administratie van een zaak te doen tot aan de eerste zitting van de commissies;
  • toe te zien op de naleving van procedures door de rechtscommissies;
  • medewerking te verlenen aan de disciplinaire kamers voor de medisch verantwoorde sportbeoefening van de Vlaamse gemeenschap betreffende dopinggevallen;
  • medewerking te verlenen aan de ambtenaren van de Vlaamse regering die de hoedanigheid hebben van officier van gerechtelijke politie en gemachtigd zijn van toe te zien op de naleving van het decreet van de niet-professionele sportbeoefenaar.

7.2.5.

De tucht- of beroepscommissie bestaat uit drie rechters, aangeduid door de deken van de commissies, en bestaat uit een voorzitter, een ondervoorzitter en een secretaris. De verdeling van de functies gebeurt bij onderling overleg. Wanneer daarover geen overeenkomst bereikt wordt, duidt de deken de functies aan.

7.2.6.

De aangeduide rechters dienen gedurende het ganse verloop van de procedure te zetelen. Indien een van hen niet kan zetelen, hangende de procedure, dient de zaak ofwel uitgesteld, ofwel volledig hernomen te worden voor een nieuw samengestelde commissie.

 

7.3.

Aanhangig maken van de klachten of beroep

7.3.1.

Elke klacht en elk verzoekschrift in beroep wordt tegen ontvangstbewijs of per aangetekende brief verstuurd aan het secretariaat van V.V.O.. Dit oordeelt niet over de ontvankelijkheid en stuurt de klacht onmiddellijk door naar de deken van de commissies. Het indienen van een klacht of beroep moet gebeuren binnen een periode van tien dagen, die aanvangt vanaf het ogenblik dat de klagende partij kennis heeft van de betwiste feiten.

7.3.2.

Klachten of verzoekschriften in beroep kunnen neergelegd worden door de Raad van Bestuur V.V.O., haar adviserende commissies, de clubs, elk lid van V.V.O. alsook elke buitenstaande club of individu voor zover het geschil of de klacht een activiteit betreft die georganiseerd werd door of onder de voogdij van V.V.O..

 

7.4.

Bevoegdheid van de tuchtcommissie

7.4.1.

Alle geschillen en klachten betreffende statuten en reglementen van V.V.O. alsook betreffende het decreet inzake de medisch verantwoorde sportbeoefening kunnen in eerste aanleg aanhangig gemaakt worden voor de tuchtcommissie. De bevoegdheid inzake dopingpraktijken wordt echter overgedragen aan de disciplinaire kamers voor de medisch verantwoorde sportbeoefening van de Vlaamse regering.

7.4.2.

De tuchtcommissie oordeelt zowel over de ontvankelijkheid als over de gegrondheid van de klacht.

 

7.5.

Bevoegdheid van de beroepscommissie

7.5.1.

De beroepscommissie is bevoegd om in laatste aanleg te oordelen over het beroep ingesteld door elke belanghebbende tegen een beslissing van de tuchtcommissie uitgesproken in eerste aanleg. Haar leden mogen niet gezeteld hebben in de tuchtcommissie die de zaak behandelde in eerste aanleg.

 

7.6.

Cassatie

7.6.1.

Voor cassatie wordt verwezen naar de Belgische Arbitragecommissie voor de sport, opgericht door het B.O.I.C., of de burgerlijke rechtbank.

7.6.2.

In cassatie kan de beslissing van de beroepscommissie verbroken worden op grond van procedurefouten, miskenning van de statuten en/of de reglementen. Bij verbreking dient de zaak opnieuw behandeld te worden door de beroepscommissie in een anders samengestelde zetel, waarin geen van de rechters mag zetelen die reeds in een vorige aanleg in de zaak gezeteld hebben. De beroepscommissie doet in laatste aanleg uitspraak rekening houdende met de argumentatie van de beslissing van cassatie.

 

7.7.

Oproepingen - Vertegenwoordiging

7.7.1.

Het ogenblik en de plaats van de zittingen van de commissies worden bepaald door de respectievelijke voorzitters.

7.7.2.

De tucht- en beroepscommissie hebben het recht de personen op te roepen die zij menen te moeten horen op hun zitting. De oproeping vermeldt de betrokken partijen, de klacht, plaats, datum en uur van de zitting. Aan de vervolgde wordt tevens de plaats medegedeeld waar inzage kan verkregen worden in het dossier. De oproepen dienen uiterlijk acht kalenderdagen voor de zitting tegen ontvangstbewijs of per aangetekende brief te worden overgemaakt met afschrift aan het secretariaat van de betrokken club waarvan zij lid zijn. De datum van het ontvangstbewijs of de poststempel gelden als bewijs

7.7.3.

Iedere opgeroepen kan zich laten bijstaan door 1 persoon naar keuze. Indien hij/zij minderjarig is mag hij tevens vergezeld worden van zijn wettige vertegenwoordiger(s).

7.7.4.

Een opgeroepen orgaan - Raad van Bestuur, commissie, club - kan zich door ten hoogste 2 afgevaardigden, voorzien van de nodige volmacht, getekend door de voorzitter en de secretaris, laten vertegenwoordigen en zich laten bijstaan door 1 persoon naar keuze.

 

7.8.

Rechten van de verdediging

7.8.1.

De rechten van de verdediging zijn als volgt gewaarborgd:

7.8.1.1.

De rechters van de commissie hebben op geen enkele wijze een persoonlijk belang bij de zaak en zijn ook niet betrokken geweest bij het voorafgaand onderzoek.

7.8.1.2.

De zittingen zijn openbaar tenzij beslist wordt met gesloten deuren zitting te houden op aanvraag van de gedagvaarde of wanneer de openbaarheid gevaar oplevert voor de orde of goede zeden.

7.8.1.3.

De procedure wordt eventueel aangepast aan de jeugdige leeftijd van betrokkene.

7.8.1.4.

Ongeacht de leeftijd heeft de vervolgde het recht:

  • schriftelijk en persoonlijk op de hoogte gesteld te worden van de ten laste gelegde feiten;
  • na afloop van het onderzoek, eventueel in tegenwoordigheid van of vertegenwoordigd door een raadsman alle stukken van het dossier in te zien bij de secretaris van de commissie die de zaak behandelt;
  • om zich bij verschijning te laten bijstaan of vertegenwoordigen door een raadsman naar keuze;
  • zo nodig zich te laten bijstaan door een tolk;
  • om gehoord te worden, zijn/haar middelen van verdediging voor te dragen en aanvullende onderzoeksmaatregelen te vragen;
  • dat de disciplinaire maatregelen uitgesproken worden bij gemotiveerde
  • beslissing en vatbaar zijn voor hoger beroep.

7.9.

Kosten

7.9.1.

De verplaatsingen van aanklager, aangeklaagden, hun bijstand en hun getuigen naar de zittingen gebeuren op eigen kosten. Rechters en getuigen die bijkomend worden opgeroepen door de commissie genieten van het vergoedingssysteem voor V.V.O. bestuursleden.

 

7.10.

Zitting en uitspraak

7.10.1.

De oproepingen worden gedaan zoals vermeld in Art. 7.7. De commissie dient samen te komen binnen de 30 kalenderdagen na ontvangst op het V.V.O.-secretariaat van de klacht of het ingestelde beroep. Behoudens aanvraag van de gedagvaarde of gemotiveerde beslissing van de voorzitter is de zitting openbaar.

7.10.2.

De voertaal van de zitting is het Nederlands. Een partij die de taal niet genoeg machtig is mag zich op eigen kosten laten bijstaan door een tolk.

7.10.3.

Partijen kunnen ter zitting getuigen meebrengen, mits zij namen en adressen van deze getuigen uiterlijk drie werkdagen voor de zitting schriftelijk ter kennis brengen van het V.V.O. secretariaat.

7.10.4.

Ter zitting kunnen de opgeroepen partijen hun standpunten argumenteren en motiveren. De commissie kan alles doen wat ze nuttig oordeelt in het kader van het onderzoek. Getuigen worden gehoord, nieuwe getuigen kunnen worden opgeroepen en een nieuwe zitting kan worden belegd binnen de 30 kalenderdagen. Indien de tuchtcommissie bij behandeling van de klacht vaststelt dat een derde partij geheel of gedeeltelijk aansprakelijk is voor de aangeklaagde feiten, kan ze deze derde partij in het geding betrekken. Indien deze partij niet aanwezig is op de zitting wordt de klacht behandeld op de zitting van de tuchtcommissie waarnaar het dossier verwezen wordt.

7.10.5.

Overtredingen van de statuten en reglementen van V.V.O., van B.V.O.S. of I.O.F. of het toebrengen van materiële of morele schade aan deze verenigingen kunnen bestraft worden met sancties gaande van een blaam tot de schorsing voor een periode van drie jaar.

7.10.6.

De commissie stelt een gemotiveerd proces-verbaal op van de beslissing die binnen de acht dagen ter kennis wordt gebracht aan:

  • de betrokken partijen, rechtstreeks tegen ontvangstbewijs of per aangetekende brief met afschrift aan de secretaris van de club waartoe betrokkene behoort;
  • het V.V.O.-secretariaat.

7.10.7.

Na het verstrijken van de voorziene termijn voor beroep of cassatie wordt de in kracht van gewijsde gedane beslissing gepubliceerd in het V.V.O.-blad.

7.10.8.

De uitspraak gaat in de 15de kalenderdag na verzending van de beslissing, tenzij anders gemotiveerd in de beslissing. De datum van in ontvangst name of de poststempel gelden als bewijs.

7.10.9.

Van elke zitting worden notulen gehouden door de secretaris van de commissie. Dossiers van afgehandelde zaken worden door de voorzitter van de commissie aan de deken overhandigd die zorgt voor een bewaring op het secretariaat V.V.O. gedurende vijf jaar. Het dossier van een lagere commissie moet steeds beschikbaar zijn voor inzicht door een hogere commissie.

 

7.11.

Verzet

7.11.1.

Tegen de beslissing van de tuchtcommissie die bij verstek genomen is kan de verstekdoende partij verzet aantekenen per aangetekende brief, gericht aan het secretariaat V.V.O.. Om ontvankelijk te zijn moet het verzet worden aangetekend binnen de veertien dagen na de dag van de verzending van de aangetekende brief waarbij de beslissing in de tuchtcommissie wordt medegedeeld. De secretaris V.V.O. bezorgt de brief aan de voorzitter van de commissie die de beslissing genomen heeft. Deze behandelt de zaak op verzet binnen de maand na ontvangst van de verzetbrief op het V.V.O.-secretariaat. Het verzet wordt als ongedaan beschouwd indien de verzetdoende partij niet verschijnt. Het verzet schorst de ten uitvoerlegging van de beslissing.

7.11.2.

Beroep tegen de uitspraak van de tuchtcommissie is mogelijk door alle partijen mits een gemotiveerde aangetekende brief verstuurd aan de secretaris V.V.O.. Deze stuurt de brief door aan de deken van de commissies. De beroepscommissie oordeelt over de ontvankelijkheid en de gegrondheid van het beroep. Om ontvankelijk te zijn moet het beroep aangetekend verzonden worden binnen de veertien dagen na de dag van de verzending van de beslissing van de tuchtcommissie. Door het instellen van beroep wordt de tenuitvoerlegging van de beslissing opgeschort tot de beroepscommissie uitspraak gedaan heeft.

 

7.12.

Voorziening in cassatie

7.12.1.

De voorziening in cassatie om reden van procedurefouten of miskenning van de reglementen is mogelijk bij de burgerlijke rechtbank of de Belgische arbitragecommissie voor de sport van het B.O.I.C. De cassatiecommissie oordeelt over de ontvankelijkheid en de gegrondheid van het verzoek tot cassatie. Om ontvankelijk te zijn moet de vraag tot cassatie aangetekend verzonden worden binnen de veertien dagen na de datum volgens poststempel van de verzending van de beslissing van de beroepscommissie.

 

7.13.

Gratie

7.13.1.

De Raad van Bestuur V.V.O. heeft het recht gratie te verlenen voor straffen uitgesproken door de tuchtcommissie en de beroepscommissie. Vragen om vermindering of kwijtschelding van straffen moeten schriftelijk en met redenen omkleed worden ingediend bij de Raad van Bestuur.

 

7.14.

Procedure bij minnelijke schikking

7.14.1.

De tuchtcommissie kan in eerste aanleg uitspraak doen over een dossier zonder oproeping van de betrokken partijen en sancties voorstellen bij minnelijke schikking.

De sanctie bij minnelijke schikking moet schriftelijk medegedeeld worden aan alle betrokken partijen. Indien de sanctie bij minnelijke schikking aanvaard wordt, moeten de secretaris van de club en het betrokken lid hun schriftelijk akkoord mededelen aan de tuchtcommissie binnen de termijn door de commissie vastgesteld. De tuchtcommissie bepaalt in haar beslissing wanneer de sanctie begint te lopen.

Indien de sanctie bij minnelijke schikking niet aanvaard wordt, is de gebruikelijke procedure van toepassing. Alsdan mogen nochtans de rechters, die de minnelijke schikking hebben voorgesteld, niet meer zetelen.

 

7.15.

Spoedprocedure

7.15.1.

Bij dringende gevallen en ten uitzonderlijke titel wordt de spoedprocedure voorzien. De bevoegdheid om het dringend karakter van bepaalde klachten of betwistingen te beoordelen berust bij de deken van de commissies.

De spoedprocedure kan enkel met het oog op het regelmatig en sportief verloop van de competitie. Tegen deze beslissing is geen enkel verhaal of beroep mogelijk.

7.15.2.

De tuchtcommissie zetelend in spoedprocedure of de beroepscommissie zetelend in spoedprocedure dient de aan haar voorzitter overgemaakte klacht of betwisting binnen de kortst mogelijke termijn te behandelen na ontvangst van de klacht langs de deken van de commissies.

7.15.3.

De oproepingen zijn aan geen enkele vormvereiste onderworpen. Zij geschieden ofwel bij aangetekende brief, ofwel telegrafisch, ofwel telefonisch ofwel per fax. De beslissing van de tuchtcommissie, zetelend in spoedprocedure wordt aan de partijen ter zitting ter kennis gesteld. Tegenover de partijen, die niet bij de bekendmaking der uitspraak aanwezig zijn of weigeren de uitspraak voor kennisname te ondertekenen, wordt de beslissing bij verstek genomen

7.15.4.

Tegen de beslissing van tuchtcommissie in spoedprocedure is geen verzet mogelijk, enkel beroep. Onmiddellijk na kennisname van de uitspraak kunnen de partijen schriftelijk ten opzichte van de voorzitter van de tuchtcommissie in spoedprocedure beroep aantekenen. Dit dient binnen de 24 uren per aangetekende brief of tegen ontvangstbewijs aan V.V.O.-secretaris bevestigd te worden met een gemotiveerd verzoekschrift. Bij verzuim van een der beide vormvereisten is het ingestelde beroep niet ontvankelijk.

7.15.5.

De beslissing van de tuchtcommissie zetelend in spoedprocedure is uitvoerbaar bij voorraad ondanks beroep. De oproepingstermijn en procedure van kennisname zijn voor de beroepscommissie in spoedprocedure dezelfde als voor de tuchtcommissie in spoedprocedure. De beslissing van de commissie van beroep in spoedprocedure is uitvoerbaar bij voorraad ondanks cassatie.

7.15.6.

Behoudens de afwijkingen voorzien in dit reglement gelden voor het overige de bepalingen van het Decreet tot vaststelling van het statuut van de niet-professionele sportbeoefenaar van het ministerie van de Vlaamse gemeenschap en de normale rechtspleging.

 

 

HOOFDSTUK VIII : DEONTOLOGISCHE CODE

8.1.

Gewettigd verblijf

 

Vooraleer het Vlaams Verbond voor Oriënteringssporten vzw. een lidkaart/licentie toekent aan de sportbeoefenaar met een arbeidsovereenkomst dient de sportbeoefenaar/de club aan te tonen dat de sportbeoefenaar wettig verblijft op het Belgische grondgebied. Het gewettigd verblijf wordt bewezen door een geldig document uitgaande van de bevoegde overheid waaruit het gewettigd verblijf blijkt.

 

De aansluiting van sportbeoefenaars zonder arbeidsovereenkomst (aangesloten leden) kan niet worden geweigerd omwille van een onwettig verblijfsstatuut. Dit is strijdig met het non-discriminatiebeginsel en, voor minderjarigen, met het Internationaal Kinderrechtenverdrag.

Om competitievervalsing te vermijden kan in bepaalde sporten (bij stijgen – dalen competities) door de federatie een bewijs van identiteit worden gevraagd. Indien de sporter geen identiteitskaart heeft, informeert de sportclub bij betrokkene naar de identiteit waaronder hij is ingeschreven op school als het om een minderjarige gaat, of kan aan de sporter een attest van de gemeente gevraagd worden.

Binnen Vlaams verbond voor Oriëntatiesporten zijn volgende competities stijgen – dalen competities waarvoor een bewijs van identiteit wordt gevraagd:

·                                Het Vlaams Kampioenschap lange afstand

·                                Het Vlaams Aflossingskampioenschap

·                                Het Vlaams Kampioenschap Middenafstand

·                                Het Vlaams Kampioenschap Sprint

·                                Het Vlaams Nachtkampioenschap

·                                Het Belgisch Kampioenschap Lange afstand

·                                Het Belgisch Kampioenschap Middenafstand

·                                Het Belgisch Kampioenschap Sprint

·                                Het Belgisch Interclub Kampioenschap

·                                Het Belgisch Kampioenschap fiets-oriëntatie

·                                Het Belgisch Nachtkampioenschap

.

8.2.

Mensenhandel

 

Het Vlaams Verbond voor Oriënteringssporten vzw. en de bij haar aangesloten clubs en leden verbinden er zich toe de wetgeving op de bestrijding van de mensenhandel na te leven en te doen naleven.

Het betreft:

  • de Wet van 13 april 1995 houdende bepalingen tot bestrijding van de mensenhandel en van de kinderpornografie, B.S., 25 april 1995
  • en alle later volgende wetgeving die deze materie regelt.

Degene die rechtstreeks of via een tussenpersoon ertoe bijdraagt dat een vreemdeling België binnenkomt of er verblijft, en wanneer hij/zij daarbij:

  • ten opzichte van de vreemdeling direct of indirect gebruik maakt van listige kunstgrepen, geweld, bedreigingen of enige andere vorm van dwang;
  • of misbruik maakt van de bijzonder kwetsbare positie waarin de vreemdeling verkeert

wordt gestraft met een gevangenisstraf of een boete conform de Wet op de bestrijding van de mensenhandel.

8.3.

Tewerkstelling: sportbeoefenaars met een arbeidsovereenkomst

 

Het Vlaams Verbond voor Oriënteringssporten vzw. en de bij haar aangesloten clubs en leden verbinden er zich toe de wetgeving op de tewerkstelling van buitenlandse werknemers na te leven en te doen naleven (o.a. arbeidsvergunning, arbeidskaart).

Het betreft:

  • de Wet van 30 april 1999 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers, B.S., 21 mei 1999
  • het Koninklijk Besluit van 9 juni 1999 houdende de uitvoering van de wet van 30 april 1999 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers, B.S., 26 juni 1999
  • het Koninklijk Besluit van 3 december 2001 tot wijziging van het Koninklijk Besluit van 9 juni 1999 houdende uitvoering van de wet van 30 april 1999 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers, B.S., 20 december 2001
  • en alle later volgende wetgeving die deze materie regelt

De sportfederatie en de bij haar aangesloten clubs verbinden er zich toe de wetgeving op de arbeidsbemiddeling na te leven en te doen naleven.

Het betreft:

  • het Decreet van 13 april 1999 met betrekking tot de private arbeidsbemiddeling in het Vlaamse Gewest, B.S., 5 juni 1999
  • het Besluit van de Vlaamse regering van 8 juni 2000 tot uitvoering van het decreet van 13 april 1999 met betrekking tot de private arbeidsbemiddeling in het Vlaamse Gewest, B.S., 11 juli 2000
  • en alle later volgende wetgeving die deze materie regelt.

 

8.4.

Sancties

 

De rechtscommissie van het Vlaams Verbond voor Oriënteringssporten vzw. legt bijkomende tuchtstraffen op in geval van overtreding van bovenstaande reglementeringen door sportclubs en/of door leden/natuurlijke personen.

Deze sancties kunnen afhankelijk van de zwaarte van de overtreding door de sportclub en/of van een lid gaan van de schrapping, schorsing of tot het opleggen van een geldboete met een maximum van 25.000 euro.

Voor leden / natuurlijke personen kunnen deze sancties afhankelijk van de zwaarte van de overtreding gaan van de uitsluiting uit de vereniging, de schorsing tot het opleggen van een geldboete.

 

 

 

HOOFDSTUK IX : DIVERSEN

9.1.

De vereniging sluit een individuele verzekering en een verzekering burgerlijke aansprakelijkheid af voor de aangesloten leden.